10_kerken_banner

Zo langzaamaan breekt voor velen de vakantietijd aan. Sommigen zijn al weggeweest en teruggekeerd, anderen gaan nog, of blijven dit jaar maar eens thuis.

In de zomermaanden hebben we de mogelijkheid een beetje rust te houden, even niet van alles te moeten, los te komen van het soms zo drukke bestaan dat ons zo door het jaar bezig houdt. We kunnen ons bezighouden met ons gezin, familiebanden verstevigen en vrienden opzoeken. Of eindelijk eens die dingen doen die zijn blijven liggen in de tuin of in huis. Laten we daarbij ook aandacht blijven houden voor hen die niet in de gelegenheid zijn om vakantie te vieren, de zieken, ouderen en hulpbehoevenden onder ons. Het woord vakantie komt van het latijnse vacare en betekent vrij maken van verplichtingen.

Jezelf vrij maken betekent ook dat we aan onszelf toe kunnen komen, ons mogen bezinnen op datgene wat geweest is. We kunnen terug kijken op wat we ervaren of nagelaten hebben, waar we dankbaar voor zijn en datgene wat we liever niet hadden mee gemaakt.

Dit geldt ook voor onze parochie. Ook wij ontkwamen niet aan ingrijpende beslissingen die voor velen pijnlijk en niet te begrijpen zijn. De vraag waar dit alles toe leidt, brengt ons ook bij de vraag waar het nu eigenlijk om gaat.

Wellicht is de vakantietijd ook een tijd waarop we ons kunnen bezinnen op die vraag. De vraag naar onze persoonlijke relatie met de Ander, die God genoemd wordt en naar de weg die Hij met ons wil gaan. Ik moest hierbij denken aan een gebed dat Herman Andriessen schreef,

Doorlopen, simpelweg en religieus

Moed houden, eenvoudig voortgaan,
als je kunt.
En als je niet kunt, niet meer kunt,
wachten, of uitrusten bij een vriend,
als die er is.
En, als die er niet is,
tóch wachten, – dan maar alleen – wachten tot het weer gaat:
straks.

Eenvoudig voortgaan, de weg nemen
zoals die komt
met z’n vóór en z’n tegen,
je oog helder als een lamp
die je lijf verlicht.
Doen wat ter hand is.
Antwoorden geven als die er zijn.
En intussen voelen
de tik van je stok,
niet teveel omzien – een enkele keer soms,
want de weg gaat dwars door je hart – niet teveel omzien,
en niet teveel ook vooruit.
Eenvoudig voortgaan en weten:
deze weg is niet alles,
en is niet van deze wereld alleen.
De wolken zien die aandrijven
uit eeuwige verten – wie trok er hun grens? – en je hart voelen inkloppen
op de eeuwige heuvels – wie heeft ze gegrond? – en van de dingen
de stille kant zien…
waar ze grenzen aan
de Eeuwige…

Namens het pastoraal team wens ik u een goede tijd toe,

Pastor ingrid schraven

 

In het evangelie lezen we, hoe na de Verrijzenis van de Heer de soldaten, die bij zijn graf de wacht hielden, worden omgekocht om te vertellen, dat de leerlingen van Jezus in de nacht zijn lichaam zijn komen stelen. “Dit verhaal”, aldus het evangelie, “wordt onder de Joden verder verteld tot op de dag van vandaag”.

Als christenen belijden wij als ons geloof, dat Jezus naar lichaam en ziel is opgestaan uit het graf, dat Hij ten hemel is opgenomen en dat Hij door de Heilige Geest nog steeds onder ons aanwezig is. Als afsluiting van de Paastijd vieren we met Pinksteren, dat we de Heilige Geest, de Helper, mogen ontvangen, die ons helpt om in ons eigen persoonlijk leven gestalte te geven aan ons geloof in de Verrezen Heer.

Dit brengt mij bij de vraag: welk verhaal vertellen wij verder, juist nu, in deze tijd, nu veel van ons geloof en de beleving hiervan dat vroeger zo vanzelfsprekend was, onder druk is komen te staan? De veranderingen voltrekken zich in rap tempo. Kijkt U maar eens in onze parochie. Op dit moment zijn wij bezig met een besluitvormingstraject, dat naar verwachting zal leiden tot de sluiting van meerdere kerkgebouwen in onze parochie. Verder is ons als parochie door het bisdom gevraagd om per 1 september pastoraal en bestuurlijk te gaan samenwerken met de parochies van Haaksbergen en Losser.

Natuurlijk kunnen we allerlei beren op de weg zien en elkaar de put in praten. We zouden er ook voor kunnen kiezen om elkaar moed in te spreken en te bezien, welke nieuwe kansen de situatie en context biedt, waarin we als parochie gaan werken.

Vanzelfsprekend zijn we ons als Pastoraal Team en Parochiebestuur ten volle bewust van alle emoties, die het bericht van de naderende sluiting van enige van onze kerkgebouwen bij U heeft opgeroepen. Voor deze emoties en voor vragen als: hoe nu verder – hebben wij alle begrip. Verder maken wij ons als Pastoraal Team en Parochiebestuur ook bezorgd over de consequenties van de ophanden zijnde pastorale en bestuurlijke samenwerking met twee van onze buurparochies. Grote vraag bij beide ont-wikkelingen is: hoe kunnen wij ondanks deze schaalvergroting toch ook nabijheid handhaven?

Als Pastoraal Team en Parochiebestuur willen wij niet alleen afbreken, maar ook opbouwen. Sluiting van kerkgebouwen betekent niet, dat daardoor de geloofsgemeenschap, die met dit kerkgebouw verbonden is, ter ziele gaat. Samenwerking met onze pastorale buren betekent ook nieuwe kansen. Bij een kennismaking met de pastorale collega’s van Haaksbergen en Losser deelden we onze zorgen over de veranderingen, waarmee we geconfronteerd worden, maar we zeiden ook tegen elkaar: ‘Wat leuk dat we elkaar vandaag als nieuwe collega’s ontmoeten’.

Daarom hopen wij als pastoraal team en parochiebestuur, dat wij het Licht, dat wij in de Paaswake hebben ontstoken en aan elkaar doorgegeven, samen met U door de nacht mogen dragen op weg naar een nieuwe morgen. Ondanks pijn en verdriet mag het verhaal van de Verrezen Heer verder verteld worden, ook in onze stad. Dit is onze vurige wens!

Pastoor André Monninkhof

 

De oude wilg

gespleten

half buigend naar de aarde

geraakt reeds door de dood

tilt wat nog is gebleven

met toch weer nieuwe twijgen

in volgehouden leven

volhardend naar omhoog

(Inge Lievaart)

Van het donker naar het licht, van de kou langzaamaan naar bladgroen en fluitende vogels. De katjes aan de struiken die nog kaal zijn: een geel waas van verre tegen het dorre hout.

Als gelovigen weten we net als goede tuiniersters wel beter: wat ogenschijnlijk dor is zit vol verstopt leven. Als je dat eenmaal weet scherpt dat je blik: je gaat anders kijken: een kleine bolling bij een tak, verkleuring van de grond, knoppen die op springen staan. Dat speuren naar vernieuwd leven vraagt om oefening en inwijding. Een ander moet haar ervaring met je delen. En dan moet je oefenen in kijken, steeds weer opnieuw naar kleine details.

Zo gaat dat ook op de weg van
het geloof. Een ander moet je bij de hand nemen en zijn ervaring met je delen. Hoe het is om geraakt te worden door Jezus, door zijn Woord, door God. Dat is niet buitengewoon; het gebeurt aan gewone mensen in deze tijd. Alleen: geraakt worden is niet genoeg. Dan begint het pas. Dat vraagt net zo'n toewijding en oefening als tuinieren. En vooral: volharding, net als de wilg. Hoe je daar mee om kunt gaan verhaalt de Bijbel, onze hele geloofstraditie tot in deze tijd. En dat verhaal gaat steeds verder; eigenlijk is het nooit af .,. Ieder mens moet zijn/haar eigen weg met God gaan, met de Blijvende Nabije.

In deze tijd van Pasen kunnen we ons spiegelen aan de lijdensverhalen van mensen en van Christus. Het zijn verhalen van geloof én ongeloof, van hoop én van twijfel, van zoeken én gevonden worden. En dan weer opnieuw moeten loslaten. Dat Paasgeloof mag ons in deze tijd van verandering aansporen tot oprecht geloof en vertrouwen.

Maar niet alleen voor u als parochiaan zal er veel veranderen. Als pastores hebben we in de loop der jaren al een hele slag gemaakt. Vooral de overgang was groot van een 'eigen' parochieterritorium naar heel de stad als werkterrein.

Voorgaan in (bijna) alle kerken, werken met allerlei vrijwilligers, te gast zijn in verschillende herbergen met ieder hun eigen huisregels ... In de loop der tijd hebben we dit leefbaar proberen te houden door het aandachtspastoraat: de pastoor fietst door de hele stad, de pastoraal werkers staan ieder wat dichter bij één of twee locaties. Op verzoek van het bisdom hebben we ook ieder inhou-delijk een zekere specialisatie opge-bouwd.

Maar ook dit gaat veranderen. Straks met minder collega's in het team ontkomen we niet aan keuzes en andere manieren van werken. We worstelen met nabijheid en werkbaarheid, die in feite een stuk afstand betekent. We kunnen die oude verwachting al lang niet meer waar maken. Toch kan een levende geloofsgemeenschap niet alleen maar uit beleid bestaan. Want een plan voor de toekomst wordt gevoed door contacten met mensen, door liturgie van elk weekend en door gesprekken aan de keukentafel over hoop, geloof en liefde.

Laten we elkaar niet gevangen zetten in het idee van 'jij moet ...!!' Samen groeien we naar één nieuwe parochie, een stadsparochie die er anders uit- ziet dan bv. 50 jaar geleden. Maar ons hele leven is dan ook anders dan toen.

Dat vraagt om zoeken en uitproberen,

De oude herder met zijn overzichtelijke kudde zal uitsterven, maar niet het pastorale hart, niet het geloof in concrete mensen en hun hoop op de Opgestane, merkbaar in ons midden.

 

Carla Berbée, p.w.

 

We leven in een stevige overgangstijd gepaard gaand met de nodige crisissen. En hoewel we weten dat het altijd weer zomer wordt, dat we na Goede vrijdag ook Pasen mogen vieren, lijkt een nieuwe Geest die waaien kan waar hij maar wil ver weg. Daarom wil ik terug grijpen op een eeuwenoud geluid. Het geluid van psalm 72.

In deze psalm is het verlangen te horen naar beleidsuitvoerders, regeerders, die geen ander doel hebben dan de grondwaarden, de ‘goddelijke’ grondwaarden van recht en gerechtigheid in hun vaandel te hebben en hoog te houden. Waar God zelf de ‘vader van de wees en de weduwe is’, de ‘advocaat van de behoeftige en de verdrukte’ is en hij daarin ‘ hun belangenbehartiger’[1] is.

Voor kleine mensen is Hij bereikbaar,
Hij geeft hoop aan rechtelozen,
hun bloed is kostbaar in zijn ogen,
Hij koopt hen vrij uit het slavenhuis

 

Hij zal opkomen voor de misdeelden,
Hij zal de machten die ons dwingen
breken en binden, Hij zal leven,
onvergankelijk als de zon

Huub Oosterhuis Gezangen voor Liturgie (72-II)

Deze regeerders zouden uitvoerders moeten zijn van goddelijk beleid dat niet onder dwang wordt opgelegd, niet aan mensen gebonden is, maar die de waardigheid van elk menselijk leven wil eerbiedigen. Psalm 72 wordt daarom ook wel de koningspsalm genoemd.

Dat verlangen naar ander beleid klinkt ook door in de reacties na het optreden van onze nieuwe paus Franciscus. Hij heeft zich genoemd naar en wil zich laten leiden door Franciscus van Assisi (1181-1226).

In de tijd van deze Franciscus meende Paus Innocentius III dat hij met "Christus als Koning der Koningen, met Jeruzalem als Zijn stad en het Heilig Land als Zijn erfdeel “De moslims met kruistochten moest veroveren”. Franciscus van Assisi verraste iedereen door "om God" te kiezen voor een verblijf in dienstbaarheid onder de Saracenen. Hij ging mee met één van de kruistochten, maar bewandelde daarin een tegenovergestelde weg. Hij benaderde de islam vreedzaam en gaf zo een ander beeld van God: de God van de nederige dienstbaarheid, die uitnodigt om in een geest van vrede en geweldloosheid onder andere mensen te gaan, om hun werk en leven te delen en zo te midden van hen, Zijn aanwezigheid te ontdekken.

In de kerk gaat het om God. De paus heet niet voor niets onder andere ‘de dienaar der dienaren Gods.” Die dienaren Gods, dat zijn de gelovigen, die als volgelingen van Jezus in de kracht van zijn Geest zijn weg willen volgen, waarheen die ook leidt.

Het is in diezelfde Geest dat onze kinderen gevormd zijn op 13 en 14 april, dat kinderen zich voorbereiden op de eerste heilige communie opdat ze deel kunnen nemen aan de tafel. Het is ook die Geest waar wij om vragen bij het sacrament van het Doopsel. Moge die Geest ons ook leiden op de wegen die wij mogen gaan.

Pastor Ingrid Schraven



[1] Met dank aan Sytze de Vries

Gedachten voor de Veertigdagentijd 2013

Pas geleden raakt ik met iemand in gesprek over “Eindelijk thuis”, het boek van Henri Nouwen bij het schilderij van Rembrandt: ‘De terugkeer van de verloren zoon’, naar het bijbelverhaal dat te lezen is bij Lucas: 15, 11-32.

De persoon met wie ik sprak had in zijn leven veel meegemaakt. Hij had leren strijden om vanuit de tegenslag, het donker en de mist in zijn leven toch weer bij het licht te komen. En nu was hij in een fase waarin hij terugkeek: hoe was het gegaan, en waar was hij nu? Hij was een gelovig mens. Zijn levenszoektocht beleefde hij als een tocht onderweg naar God: soms zo afwezig in zijn leven, soms nabij te ervaren in de liefdevolle momenten in zijn leven. En nu, na zoveel jaar, had hij het gevoel dat hij begon thuis te komen: ‘Eindelijk thuis’. Deze ervaring deed hem denken aan het bijbelverhaal over de zoon die na lange omzwervingen thuis mocht komen bij zijn vader, die al die tijd op hem was blijven wachten. De jongen was er zelf op uit getrokken, had er zijn eigen tijd over mogen doen, maar hij was welkom: hij vond weer het thuis in zijn leven, zijn levenservaringen raakten op hun plaats, en hij was daar dankbaar voor: God had hem tot hier toe geleid en gaf hem perspectief.

Rembrandt heeft dat moment van thuiskomen prachtig verbeeld. En Henri Nouwen op zijn beurt heeft vele uren naar dit schilderij mogen kijken in de Hermitage in Sint Petersburg en schrijft er zijn boek over. Het geschilderde moment van thuiskomen van de zoon bij de vader beleeft Nouwen als zijn eigen thuiskomen bij God, na al zijn levenservaringen en de tocht die hij had gemaakt. Hij schrijft onder meer:

Jaren geleden probeerde ik een glimp van God op te vangen door zorgvuldig te kijken naar allerlei menselijke ervaringen van eenzaamheid en liefde, verdriet en vreugde, wrok en dankbaarheid, oorlog en vrede. Ik trachtte de wisselvalligheden van de menselijke ziel te begrijpen, iets aan te voelen van de honger die alleen gestild kan worden door een God wiens naam liefde is. Ik probeerde het blijvende achter het voorbijgaande te ontdekken; het eeuwige achter het tijdelijke; de volmaakte liefde achter de verlammende angst; de goddelijke troost achter de troosteloosheid van hartzeer en doodsangst. Ik wees voortdurend op een aanwezigheid achter ons bestaan dat zo door de dood getekend is; (…) een aanwezigheid die nu al gezien, gehoord en aangeraakt kan worden door hen die bereid zijn te geloven.”

Ontheemd raken: daar dacht ik aan toen ik de gedachten van Jan van den Nieuwendijk las in de vorige Pelgrim (2013-01, blz. 2-3) over het rouw-proces waarin velen van ons zullen raken als het hun zo vertrouwde kerk-gebouw aan de eredienst zal worden onttrokken. Je raakt ontheemd, je raakt veel kwijt, maar: raak je dan ook alles kwijt, krijgt het donker de overhand, raak je het spoor in je leven bijster, laat je je misschien door boosheid overheersen en zie je om in wrok, zonder nog vooruit te kijken?

De persoon over wie ik hiervoor ver-telde, en Henri Nouwen in zijn boek, zij zijn ook door donkere dagen ge-gaan. Maar ze bleven zoeken en voor-uitkijken: om het blijvende achter het tijdelijke te ontdekken, zoals Nouwen schreef; het eeuwige achter het tijdelijke; liefde achter en voorbij angst en boosheid; en goddelijke troost voorbij alle hartzeer. En ze kwamen dichter bij de kern van hun bestaan, ze begonnen thuis te komen en de zin van hun leven lichtte steeds meer op, ze mochten soms een glimp zien van Gods Koninkrijk waarin voor hen plaats was. En ze maakten hun levenstocht niet alleen: nabijheid van anderen en samen optrekken was steeds van groot belang.

Misschien is dit jaar deze Veertigdagentijd 2013 een goede periode voor ons om ons op dit alles eens te bezinnen, bij onszelf te rade te gaan, elkaar te helpen om vooruit te blijven kijken en samen te ontdekken wat van blijvende waarde is. Dan komen we samen verder, door duister, tegenslag en teleurstelling heen, nieuw licht aan de horizon tegemoet.

Ik besluit met twee korte teksten-ter-bezinning uit de nieuwe Folder voor de Veertigdagentijd 2013 en uit het Boekje over “Vasten in de Veertigdagentijd: hoe zou dat kunnen?”

Veertigdagentijd

Vasten is bezinning, stilstaan bij jezelf.

Vasten is bewustzijn, niets gebeurt vanzelf.

Vasten is volharden, al is het nog zo zwaar.

Vasten is geloven: God vergeet ons niet.

 

Gebed

Gij wacht op mij, God, totdat ik open ga voor U.

Ik wacht Uw Woord, dat mij ontvankelijk maakt.

Stem mij af op Uw Stem, op Uw Stilte.

 

Een goede reis, een goede bezinning (met anderen?!) onderweg gewenst en …. een goede thuiskomst!

Pastor Hans van der Hulst

 

* H.Nouwen: “Eindelijk thuis”, uitg. Lannoo, Tielt, 2009. Citaat: p.24-25.

* De genoemde Folder ligt (om mee te nemen) vanaf Aswoensdag achterin onze kerken;

het Boekje over Vasten is digitaal en op papier verkrijgbaar bij:

Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken. Tel. 478 5306.

Subcategorieën

Ga naar boven