10_kerken_banner

Goede Vrijdag

Voor iemand die (te) jong gaat sterven

Te vroeg
en als verraad
dient de dood zich aan.

De strijd
ben ik moe,
het leven
was en is mij lief.

Sta mij bij
nu ik alles
moet loslaten
en gedenk hen
die rouwen
over mij.

Bewaar mijn tranen.
Berg mijn levensadem.
Laat mij niet
vallen in het niets.
Bevestig mijn bestaan.

Klaas Holwerda

Meditatie bij Goede Vrijdag

Mensen die met een boog om je heen lopen. Iemand in huis halen en dan bedenken met wie hij of zij allemaal contact zou kunnen hebben gehad. Anderhalve meter afstand houden. Horen van duizenden – als we niets zouden doen – zelf miljoenen die zouden kunnen sterven. De stervende die sterft in plastic. Zwaaiende gezinnen. Opa en oma achter het glas. Aanraken en weten dat je daarmee een grens overgaat. Wikken en wegen. Is het verstandig? Is het menselijk? Wat is het grotere goed?

Goede Vrijdag wordt dit jaar gevierd in een wereld gegrepen door angst. We zijn niet zo onkwetsbaar en onafhankelijk als wij dachten. Niemand en niets staat op zichzelf, bestaat op zichzelf. Wij zijn allen deel van het grotere geheel. Wij zijn groot en klein tegelijk. Groot in wie je bent. Klein in dat grote heelal met duizenden gevaren. Groot in hoe wij elkaar in deze tijd bijstaan, elkaar niet vergeten, elkaar steunen, beschermen, beter maken.

Het ‘waarom’ van al dat lijden, al die angst? Ach, we weten het niet en zullen het ook nooit weten. Heeft God er een bedoeling mee? Neen. Het is wat het is. Moeten wij boos worden op God? Wie zijn wij om God terecht te wijzen? Alles heeft zijn tijd. We kunnen er maar beter net als Job het zwijgen toedoen en dankbaar zijn voor alle goede dingen, die ons (door mensen) zomaar gegeven zijn, en met elkaar stil zijn en huilen en het niet weten, als het kwaad ons treft.

Ik steek een kaarsje op voor jou.

Pastoraal werker Frank de Heus

cross

'Niemand is er ooit van teruggekeerd’, zeggen ze. ‘We weten het niet’, zeggen ze. ‘Ach, opium voor het volk’, zeggen ze. Maar wat zeg je zelf? In deze onrustige tijden? Is dit het dan? Een wereld met mensen in angst? Opgesloten in hun huizen. Schichtig langs elkaar heen lopend. Afstand houdend. Is dat wat wij willen? Waar wij naar verlangen? Neen, natuurlijk niet! We willen vrij, onbekommerd leven. We missen het samen optrekken, bij elkaar zijn, elkaar omarmen, je ‘gewoon’ veilig voelen. Maar zo ‘gewoon’ is dat dus niet. Wij mensen zijn vaak gefocused op alles wat fout gaat en wat goed gaat nemen we voor lief. Maar feitelijk leven we in een angstaanjagend vijandige wereld. Slechts een dun laagje atmosfeer beschermt ons tegen de grote leegte die ons omringt. Een foutje in de celdeling met verschrikkelijke gevolgen is zo gemaakt; een virus zo binnengedrongen. Wat een wonder eigenlijk, dat wij leven! Dat zoveel, zo vaak, zo goed gaat! Dat er te midden van zoveel ziekte, angst, geweld, ook zoveel lieve medemenselijkheid is! En je vindt het bij jouw tuinman, de man die het vuilnis ophaalt, de drogist en de apotheker, de verpleegkundige en de arts aan je bed, de buurvrouw met wie je ontzettend kunt lachen, de leerling op school die onverwacht uit de hoek komt. Ik vermoed Gods aanwezigheid in al die goede mensen, in de schoonheid van natuur en muziek, in de ware woorden die soms gesproken worden en de wereld in een nieuw daglicht zetten. God draagt ons, wiegt ons, zoogt ons en als ons leven dan ten einde loopt en we gaan die grens over… dan is Hij er.
Zalig Pasen!

cross

De kern van alle dingen

De kern van alle dingen

is stil en eindeloos.

Alleen de dingen zingen.

Ons lied is kort en broos.

En donker zingt mijn bloed,

van heimwee zwaar doorwogen.

Ik zeil langs regenbogen

Gods stilte tegemoet.

Felix Timmermans

 

Marc Chagall: Intocht in Jeruzalem

Palmzondag

Palmzondag. We hadden ons er zo op verheugd. Samen met kinderen, hun ouders, grootouders Palmpaasstokken maken. Verleden jaar genoot ik van de creativiteit van de kinderen en hun ouders. Van het elkaar helpen; op ideeën brengen. En dat alles op grond van dat verhaal van Jezus van Nazareth, die als Messias wordt binnengehaald en toegezongen met oude Psalmen. Vreugde en verdriet liggen vaak dicht bij elkaar. Vriendschappelijke toewijding en verraad ook. Niets is ons mensen vreemd. Hoe sterk staan wij in onze schoenen? Zijn wij als het zaad, dat op rotsen valt? Langs de weg? Verstikt door het onkruid om ons heen? Of zijn wij als de goede aarde? Bieden wij bescherming aan wat ons wordt toevertrouwd? Koesteren en beschermen wij het? Mag onze medemens zich bij ons veilig weten? Ook als wij kritiek hebben, anders zijn, anders zien?

De weg die Jezus gaat wordt een eenzame weg. Hoe meer hij op een schild wordt gehesen, hoe dieper de val. Ach was het nog maar als vroeger, thuis. Maar vroeger is voorbij. Hij moet verder in het nu. En het nu zal zich tegen hem keren. Als een misdadiger wordt hij bij het oud vuil gezet. Aan de randen van de stad. Zoals wij doen met onze idealen, onze medemenselijkheid, als de angst regeert en wij ons eigen vege lijf proberen te redden. Maar zo was hij niet. Hij was stilte, ruimte, een hart groot genoeg voor ons allemaal…

Pastoraal werker Frank de Heus
cross

Witte Donderdag

Heer, zegen deze maaltijd
die wij in dankbaarheid
ontvangen.
Zegen de handen
die goed werk doen
en de vrede opbouwen.
Zegen de harten van de mensen
die gastvrij zijn
en warmte verspreiden.
Zegen ons
dat onze vriendschap
mag groeien
en wij in vrede
met elkaar mogen leven.

Jos Zwetsloot

Meditatie bij Witte Donderdag

Terwijl ze aten, nam hij een brood, sprak het zegengebed uit, ​brak het brood, deelde het uit en zei: ‘Neem hiervan, dit is mijn lichaam’ (Marcus 14, 22).

Hij nam

sprak

brak

deelde

Nemen. Alles pakken wat je kan. Is dat leven? Wij zijn verwend in onze tijd. We worden op onze wenken bediend. Veel is mogelijk, bereikbaar. Zo lijkt het. Want dat geldt natuurlijk niet voor de meeste mensen. Die moeten worstelen om het hoofd boven water te houden. En wanneer is het genoeg? Het is nooit genoeg. Is het leven niet veeleer ontvangen? Kinderen kunnen dat doordenken. Het brood haal ik bij de bakker. De bakker krijgt het meel van de molenaar. De molenaar maalt het graan van de boer. De boer ontvangt het graan van de aarde, de zon, de regen. De aarde, de zon, de regen komen bij God vandaan.

Spreken. De juiste woorden spreken. De goede woorden spreken. Dat is wat Jezus deed. Woorden die bevrijden, opbouwen, sterk maken, een fundament leggen onder jouw bestaan. Dat zijn woorden die doen leven! Mensen leven ervan op!

Breken. Jezus werd gebroken, zoals hij het brood brak. Hij leefde niet voor zichzelf. De ander was hem lief, zo lief, dat hij door zijn eigen angst durfde gaan om de ander van dienst te zijn, te redden als het moest. Dat moet je maar kunnen. Wat goed dat er telkens opnieuw zulke mensen opstaan! Zij houden de hoop levend, dat eens, ooit…

Delen. Alle leven begint met delen. Wij danken ons bestaan eraan; kleine cellen die zich delen, worden een wonder van God: de mens! Wij zijn geschapen naar zijn beeltenis toe. Wij zijn er nog niet. We hebben het in ons het te worden: een menselijke mens, zoals Jezus was. Wie mij ziet, ziet de Vader.

cross

Beseft u deze dagen van sociale onthouding

ook zo sterk

hoe relationeel we zijn?

Normaal, en deze vastentijd niet minder,

nemen we ter voorbereiding op Pasen

de drie fundamentele relaties van ons leven

onder de loep: 

de relatie met God,

de verbinding met anderen (ook de schepping),

en de band met onszelf.

Aan relaties moet je werken.

Alle drie hebben dan ook een eigen wérkwoord.

Bidden is werken aan de relatie met God.

Geven is werken aan de relatie met anderen.

Vasten is werken aan de relatie met jezelf.

Deze ‘to-do-list’

van bidden, geven en vasten

gaat in tegen onze krachtige drang

naar verstrooiing,

naar hebben,

en naar innemen.

Je ervaart deze dagen van sociale onthouding

dat het afzien is.

Maar je zult zien,

dat je groeit in menszijn.

Je komt tot leven,

als je afleert om te wórden geleefd.

Afzien, is een bijzondere manier van aandacht geven aan onszelf.

En los te komen van waaraan we vastzitten;

waar we niet meer vrij tegenover staan,

waarvan we als het ware slaaf zijn geworden.

Waardoor wij vervreemden van onszelf, van God en van een ander.

Dat kan eten zijn en drinken,

of ook een houding die je telkens meent te moeten aannemen.

Het kan ook te maken hebben met onze seksualiteit.

Maatschappijkenners zeggen dat onze cultuur wordt ‘over-beheersd’

door materialisme en consumentisme.

Ook nu duurzaamheid in is.

Afzien en onthouden helpen

om niet te worden gereduceerd tot consumenten,

die als kinderen elk moment de zinnen geprikkeld

en de behoefte gulzig bevredigd willen hebben.

Bidden, geven en vasten helpt ons

de kostbare vrucht van de geest te verwerven,

die zelfbeheersing heet.

Het maakt ons klaar voor de ontmoeting met God en met onszelf

en het maakt ons gevoelig voor de noden van de armen en van de schepping.

Vasten, dat moet je echt doen!

Ook deze dagen van sociale onthouding.

 

Paul Daggenvoorde, pastoor

--

Subcategorieën

Activiteiten kalender
Recente berichten
Ga naar boven