opendeur
Het voelt prettig, als je welkom bent. Het is fijn, als de deur open staat en je gastvrij wordt ontvangen. Zeker als je je in de kou voelt staan, ben je blij met de warme deken die je wordt aangereikt, het luisterend oor dat je krijgt, en de liefdevolle aandacht die je wordt gegeven. Zelf tref ik het in deze parochie regelmatig, dat mensen hun deur gastvrij voor mij openen. Als pastor ben ik welkom. De koffie is klaar. En al vlot raken we met elkaar in gesprek over “de dingen van het leven”. Hierbij kan het gaan om droevige zaken, zoals het verlies van een dierbare, maar ook om blijde gebeurtenissen, zoals een voorgenomen kerkelijk huwelijk of de geboorte van een kleine. Ook ‘alledaagse’ ervaringen zijn regelmatig onderwerp van gesprek.

Deze ‘open deur’ is niet altijd vanzelfsprekend. In onze soms vaak harde maatschappij worden er ook wel eens deuren dicht gegooid. Mensen hebben het gevoel, dat ze naar het kastje van de muur lopen en niet meer gehoord worden. Ze stuiten op bureaucatie en kunnen hun verhaal niet meer kwijt. En dat, terwijl ze snakken naar erkenning en ontmoeting. Dit verschijnsel is van alle tijden. Ook de ouders van Jezus ging het zo. Ook voor Jozef en Maria bleven de deuren van de herberg gesloten. Hun Kind werd daarom geboren in een koude stal, waar ze wel onderdak konden vinden. Liggend in een kribbe strekt dit Kind Zijn handen naar ons uit. Hij maakt geen afwerend gebaar, maar opent Zijn handen. Het is een gebaar van welkom. We mogen er zijn, zoals we zijn. Bij Hem mogen we mens zijn: met onze onvolkomenheden, maar ook met onze mogelijkheden. Dat God in Hem Mens geworden is, betekent dat wij bij Hem mens van God mogen zijn. We worden niet gepest, maar er is liefde, warmte, vriendschap en respect.

Deze ‘open deur’, die God voor ons open zet, vieren wij met Kerst. Graag wens ik U toe – mede namens mijn pastorale collega’s en het Parochiebestuur – dat deze deur ook voor U mag open gaan. Zalig Kerstfeest !